Kanker in de lever (Hepatocellulair carcinoom (HCC))

Hepatocellulair carcinoom (HCC) Leverkanker

Als bij u de diagnose hepatocellulair carcinoom (HCC) is gesteld, heeft u een kwaadaardige tumor in uw lever. HCC wordt ook wel kanker in de lever of leverkanker genoemd. Bij HCC is er sprake van een primaire tumor in de lever, de kanker is in de lever ontstaan. Dat is wat anders dan een uitzaaiing in de lever van kanker elders in het lichaam.

Kwaadaardige tumoren in de lever

  • Kwaadaardige tumoren die in de lever zelf zijn ontstaan (primair)

Kanker die in de lever ontstaat, wordt ook wel primaire kanker van de lever of leverkanker genoemd. Er zijn verschillende vormen van primaire leverkanker, maar het hepatocellulair carcinoom (HCC) komt het meest voor. Dat is een tumor die ontstaat uit de meest voorkomende levercellen: hepatocyten. Als de tumor uitgaat van de galwegcellen noemen we het een cholangiocarcinoom (CC).

  • Uitzaaiingen in de lever van kanker elders in het lichaam (secundair)

Uitzaaiingen van kanker elders in het lichaam, noemen we secundaire kanker. Kankercellen kunnen losraken van een tumor die ergens anders in het lichaam aanwezig is. Deze losgeraakte kankercellen kunnen via het bloed of de lymfevloeistof naar een andere plek in het lichaam worden vervoerd. Dit is in veel gevallen de lever, omdat dit een orgaan is waar veel bloed doorheen gaat. De kankercellen van de oorspronkelijke tumor groeien in de lever uit tot nieuwe gezwellen: uitzaaiingen in de lever of levermetastasen. Deze secundaire vorm van kanker in de lever komt in Nederland het meeste voor, bijvoorbeeld bij mensen met darmkanker.

De lever ligt rechtsboven in de buik, vlak achter de ribben. Het is een belangrijk orgaan dat voor evenwicht in het lichaam zorgt. De lever zorgt ervoor dat we belangrijke voedingsstoffen uit het bloed kunnen opnemen en gebruiken voor allerlei processen. Daarnaast maakt de lever giftige stoffen onschadelijk en ruimt hij afvalstoffen op. Al met al vinden er zo’n 600 verschillende processen in de lever plaats.

Tumor in de lever

De belangrijkste functies van de lever zijn:

  • Verwerken van voedingsstoffen die uit de darm in het bloed zijn opgenomen. De lever zet deze stoffen om in een voor het lichaam bruikbare vorm;
  • Opslag van bepaalde stoffen, zoals suikers, hormonen, vitamine A, ijzer en andere mineralen;
    Aanmaak en omzetting van eiwitten;
  • Opbouw, afbraak en opslag van energierijke producten;
  • Productie van gal. Gal is belangrijk voor de vetvertering;
  • Verwijderen van bilirubine. Dit is een afbraakproduct van rode bloedcellen;
  • Helpen bij het stollen van het bloed;
  • Onschadelijk maken van afbraakproducten uit de darm, medicijnen, alcohol en chemicaliën.

Wat is hepatocellulair carcinoom (HCC)?

Een hepatocellulair carcinoom ( HCC) is een kwaadaardige tumor in de lever, die is ontstaan vanuit de meest voorkomende levercellen: hepatocyten. Kanker die in de lever ontstaat, wordt ook wel primaire leverkanker genoemd. Er zijn verschillende vormen van primaire leverkanker, maar de meest voorkomende vorm is HCC.

Feiten en cijfers

  • HCC komt vaker voor bij mannen dan bij vrouwen.
  • Wereldwijd is HCC een van de meest voorkomende vormen van kanker. In de westerse wereld komt HCC minder vaak voor.
  • Jaarlijks wordt bij ruim 400 Nederlanders de diagnose HCC gesteld.
  • De 1-jaarsoverleving bij HCC ligt inmiddels rond de 40%. Ongeveer 15% van de mensen met HCC is na 5 jaar nog in leven.
  • In Nederland heeft 80% van de patiënten met HCC een onderliggende leverziekte, vaak is dat levercirrose.

Hoe ontstaat HCC?

HCC ontstaat vaak als gevolg van een chronische leverziekte, waardoor de lever onherstelbaar beschadigd is. Meestal is er sprake van levercirrose, een proces waarbij levercellen worden vervangen door littekenweefsel. Als er te weinig gezond leverweefsel over is, kan de lever zijn functie niet goed meer uitoefenen. Levercirrose is daarmee een belangrijke risicofactor voor HCC. Mensen met levercirrose worden daarom regelmatig gecontroleerd, dit wordt screening genoemd. HCC kan ook ontstaan zonder dat er een onderliggende leverziekte is. Bij deze mensen wordt de levertumor vaak pas laat ontdekt, omdat zij nog niet onder controle staan.

De belangrijkste risicofactoren voor het ontwikkelen van HCC zijn:

Wat zijn de klachten?

De lever is een orgaan met een grote reservecapaciteit en een groot herstelvermogen. Het gezonde deel van de lever neemt de functies van het aangedane deel lange tijd over. Leverziektes geven daarom meestal pas in een laat stadium klachten. Als er toch klachten ontstaan, zijn deze afhankelijk van de plaats, de grootte en het aantal tumoren in de lever.

Mogelijke klachten bij HCC zijn:

  • Algehele zwakte en vermoeidheid
  • Een opgezette lever en (vage) buikpijn
  • Misselijkheid en braken
  • Verminderde eetlust
  • Onverklaarbaar gewichtsverlies of juist gewichtstoename door vasthouden van vocht
  • Jeuk en geelzucht (het geel zien van de huid en het oogwit)

 

Jeuk en geelzucht ontstaan als de tumor de afvoer van galvloeistof belemmert. Als de tumor één of meerdere galwegen dichtdrukt, kan galstuwing ontstaan. Dit veroorzaakt diverse klachten, waaronder jeuk en geelzucht. Bij geelzucht kleurt de urine meestal donker en is de ontlasting licht als stopverf.

Slechte leverfunctie
Als de tumor groeit en/of de levercirrose zich verder uitbreidt, kan de functie van de lever verslechteren. Als de lever zijn functies niet goed meer kan uitoefenen, kunnen ernstige problemen ontstaan. Door verhoogde druk in de bloedvaten van de lever kunnen spataderen (varices) in de slokdarm en maag ontstaan en vochtophoping in de buik (ascites). Als de lever zijn ontgiftende functie niet meer kan uitoefenen, ontstaat een stapeling van giftige stoffen. Deze stapeling kan ook in de hersenen plaats vinden. Dit leidt tot verwardheid en kan in het uiterste geval resulteren in een coma.

Hoe wordt de diagnose gesteld?

Bloedonderzoek
Bloedonderzoek is meestal de eerste stap om te bepalen of er sprake is van een leverziekte. Ook kan de arts door bloedonderzoek een beeld krijgen van hoe goed de lever werkt. Daarnaast kan in het bloed het gehalte worden bepaald van de zogenoemde ‘tumormarkers’. Dit zijn speciale eiwitten die door een tumor worden aangemaakt. Bloedonderzoek geeft een eerste indicatie, maar wordt altijd gecombineerd met andere onderzoeken om daadwerkelijk de diagnose HCC te kunnen stellen.

Beeldvormend onderzoek
Door middel van beeldvormend onderzoek kan meestal vastgesteld worden of er een tumor in de lever zit. De arts kan een echo, CT-scan of MRI-scan laten maken. Soms is verder onderzoek noodzakelijk om te bepalen of het om een goedaardige of kwaadaardige tumor gaat.

Secundaire leverkanker wordt vaak vastgesteld door middel van een CT-scan of MRI-scan. Als kanker is vastgesteld, wordt er standaard zo’n scan gemaakt, om eventuele uitzaaiingen elders in het lichaam op te sporen.

Leverpunctie of leverbiopsie
Met een leverbiopsie of leverpunctie neemt de arts een stukje weefsel (biopt) van de lever weg onder plaatselijk verdoving. Dit gebeurt met een lange holle naald. Dit biopt wordt onder de microscoop onderzocht. Bij een tumor in de lever zal een leverbiopt vaak in combinatie met een echografie plaatsvinden. Dit noemen we een echogeleide leverbiopsie. De arts ziet dan op het beeldscherm waar de naald precies ingebracht moet worden. Dit is nodig als er een specifiek stukje leverweefsel weggenomen moet worden. Omdat een leverbiopsie bij verdenking op HCC slechts in uitzonderingsgevallen nodig is en er een risico bestaat dat kankercellen er door versleept worden, wordt aanbevolen om die ingreep alleen in expertise centra te verrichten.

Screening bij verhoogd risico op HCC

Als bekend is dat mensen een verhoogd risico op HCC hebben, bijvoorbeeld vanwege een chronische leverziekte, worden ze zorgvuldig en met regelmaat gescreend. Het doel van dit screeningsonderzoek is om een levertumor in een vroeg stadium te ontdekken, waardoor deze nog klein is en er meer behandelmogelijkheden zijn.

Als u een chronische leverziekte heeft, vraag uw arts dan om advies. De arts kan u informeren over hoe vaak en welk screeningsonderzoek nodig is. Meestal is dit een halfjaarlijks onderzoek met een echografie.

Hoe wordt HCC behandeld

Afhankelijk van de grootte, de plaats en het aantal levertumoren en de eventuele doorgroei of uitzaaiingen, kan de arts verschillende behandelingen voorstellen bij HCC. Er wordt daarbij goed gekeken naar de nog resterende functie en kwaliteit van de lever. Ook uw algemene gezondheid en conditie zijn belangrijk bij het bepalen wat in uw geval de beste behandeling is. Al deze factoren worden afgewogen en bepalen of u een curatieve of palliatieve behandeling krijgt en waar die behandeling vervolgens uit bestaat.

behandeling2
  • Een curatieve behandeling is een behandeling die gericht is op genezing. Bij een curatieve behandeling vindt altijd een operatie plaats. Soms wordt een operatie gecombineerd met andere (aanvullende) behandelingen. Bij hele kleine tumoren, die in een vroeg stadium ontdekt zijn, bestaat de operatie alleen uit Radiofrequente thermoablatie (RFA) en wordt de tumor niet operatief verwijderd.
  • Een palliatieve behandeling is bedoeld om de ziekte zoveel mogelijk af te remmen en de klachten te verminderen. Genezing is dan vaak niet meer mogelijk. Een palliatieve behandeling kan bestaan uit een operatie, chemotherapie en bestraling of een combinatie van deze behandelingen.

Hieronder staan de verschillende behandelmogelijkheden bij HCC. Er wordt onderzoek gedaan naar welke combinaties van behandelingen het meeste effect hebben.

Informatieve filmpjes

Wilt u meer weten over een aantal aspecten waarmee u te maken kunt krijgen tijdens chemotherapie? Hieronder vindt u informatieve filmpjes over de bijwerkingen, lichaamsbeweging en intimiteit/seksualiteit bij chemotherapie.

Chemotherapie & bijwerkingen

Chemotherapie & lichaamsbeweging

Chemotherapie & intimiteit

Wilt u meer weten over een aantal andere onderwerpen waarmee u te maken kunt krijgen tijdens uw ziekte? Hieronder vindt u informatieve filmpjes over voeding, kinderen, werk en nazorg bij kanker.

Kanker & werk

Kanker & voeding

Kanker & kinderen

Kanker & nazorg

Prognose en follow-up

De prognose bij HCC is afhankelijk van een aantal zaken, namelijk:

  • de agressiviteit van de tumor
  • het aantal en de grootte van de tumoren
  • uw algemene conditie en uw leverfunctie.

Er overlijden nog veel mensen aan HCC. De 1-jaarsoverleving bij HCC ligt inmiddels rond de 40%. Ongeveer 15% van de mensen met HCC is na 5 jaar nog in leven. Die hoge sterfte komt vooral omdat HCC vaak voorkomt in combinatie met levercirrose en omdat HCC vaak pas laat wordt ontdekt door het lang uitblijven van klachten.

De behandelmogelijkheden na de diagnose zijn dan vaak beperkt. De prognose is veel beter als de tumor operatief verwijderd kan worden of als een levertransplantatie mogelijk is.

Mensen blijven na hun behandeling voor HCC vijf jaar lang onder controle. Die controle is bedoeld om in de gaten te houden of er geen nieuwe tumoren ontstaan. Ook is de lever van iemand met HCC extra gevoelig voor nieuwe ziekten, daar wordt nog langer dan vijf jaar op gecontroleerd. Nacontrole na HCC vindt tenminste elke zes maanden plaats en bestaat uit een CT- scan of MRI.

Patiëntenvereniging

De Nederlandse Leverpatiënten Vereniging (NLV) is een actieve patiëntenorganisatie voor iedereen die met een leverziekte te maken heeft: patiënten, familieleden, zorgverleners en andere betrokkenen. De vereniging verzorgt informatiemateriaal, geeft voorlichting, maakt het delen van ervaringen mogelijk en speelt een belangrijke rol in de belangenbehartiging van leverpatiënten.

Tevreden over onze informatie?

De Maag Lever Darm Stichting geeft voorlichting en steunt onderzoek. Om zo meer inzicht te krijgen in de oorzaken, het verloop en de behandeling van de ziekte. Wij zijn daarvoor volledig afhankelijk van donaties. Helpt u mee?

Ontvang 1x per maand onze gratis e-mail nieuwsbrief

Naar boven