Defeacografie

Wat is een defeacografie?

Defeacografie is een onderzoek waarbij de snelheid van het ontlasten (defeacatie) wordt bekeken. Bij een defeacografie wordt gebruik gemaakt van contrastmiddel. Dit is een middel dat ingebracht wordt in uw darm, waardoor de darmen zichtbaar zijn op een röntgenfoto. De arts kan voorstellen om een defeacografie te doen als u een trage stoelgang heeft. Dit kan veroorzaakt worden door te langzaam werkende darmen. Ook afwijkingen in de bewegingen van de bekkenbodem (De spieren van de bekkenbodem zorgen samen met de sluitspier van de anus voor het op kunnen houden van ontlasting) en de anus kunnen hiermee worden aangetoond. Evenals een verzakking van de endeldarm (prolaps) en het uitpuilen van de endeldarm in de vagina (rectokèle).

Voor het onderzoek

De dag voor en/ of van de defeacografie krijgt u een laxeermiddel. Als u (mogelijk) zwanger bent, moet u dit melden aan uw arts. Röntgenstraling die tijdens de defeacografie wordt gebruikt, kan schadelijk zijn voor het ongeboren kind.

Tijdens het onderzoek

In de onderzoekskamer kleedt brengt de radioloog met een dun slangetje contrastmiddel in uw endeldarm. Bij vrouwen wordt de vagina gemarkeerd met een speciale gel of een tampon. Dit gebeurt om de organen van elkaar te kunnen onderscheiden op de röntgenfoto’s.  Vervolgens neemt u plaats op een soort toilet die voor het röntgenapparaat staat. Er worden beelden gemaakt in rust, tijdens aanspannen van de bekkenbodemspieren en tijdens het persen.

Het onderzoek duurt ongeveer 15 minuten.

Na het onderzoek

U mag direct naar het toilet om de bariumpap kwijt te raken. De eerste dagen na het onderzoek kan uw ontlasting  witte resten bevatten van de pap. Door extra veel te drinken, raakt u de resten bariumpap sneller kwijt. De uitslag van het onderzoek krijgt u via uw behandelend arts.

Ontvang 1x per maand onze gratis e-mail nieuwsbrief

Naar boven