Nieuwe techniek verbetert kwaliteit donororganen

Gepubliceerd op: 23 december 2014

Nieuwe techniek verbetert kwaliteit donororganen

Door een nieuwe techniek kunnen wetenschappers donorlevers een aantal uren buiten het lichaam 'in leven' houden. Zo kunnen wetenschappers vóór een transplantatie onderzoeken of een donorlever geschikt is voor transplantatie.

In Nederland worden jaarlijks 140 levers getransplanteerd. Er zijn meer donoren beschikbaar, maar een groot aantal levers blijkt vóór de transplantatie al niet geschikt. Dit geldt bijvoorbeeld voor donormateriaal van ouderen, mensen met hart- vaatziekten of mensen met een vette lever. Er is dan een verhoogde kans op afstoting, aandoeningen aan de galwegen of dat de lever niet werkt.

Wetenschappers hebben nu een nieuwe techniek ontwikkeld. Hierdoor kunnen donorlevers een aantal uren buiten het lichaam in 'leven' worden gehouden. Dit geeft onderzoekers de tijd om te kijken of een lever geschikt is voor transplantatie. Deze techniek was tot nu toe alleen nog succesvol bij dieren. In dit onderzoek is gekeken of het ook werkt bij levers van mensen.

Onderzoek
Voor dit onderzoek zijn vier afgekeurde donorlevers gebruikt. De levers werden 6 uur gekoppeld aan een machine. De machine zorgde ervoor dat voortdurend zuurstofrijk bloed met voedingsstoffen door de lever werd gepompt. Ook werd antibiotica aan het bloed toegevoegd om infecties te voorkomen. De machine filterde de CO2 uit het bloed, hield de temperatuur op 37ᵒC en zorgde ervoor dat de bloeddruk gelijk bleef. Met deze techniek wordt de situatie in het lichaam dus deels nagebootst.

Resultaten
Al vrij snel na het aankoppelen aan de machine, kreeg de lever een normale kleur en zuurgraad. Elke 30 minuten verzamelden de onderzoekers een klein beetje bloed dat door de lever was rondgepompt. Uit de stoffen in het bloed bleek dat bijna geen leverschade was opgetreden en dat de leverfuncties verbeterden.

Ook werd elke 30 minuten de galproductie gemeten. Galproductie is één van de belangrijkste kenmerken voor de levensvatbaarheid van een donorlever. Door de nieuwe techniek kwam de galproductie weer op gang. De kwaliteit van het gal werd gedurende de doorbloeding steeds beter. Vlak voor en na aankoppeling van de machine werd ook een klein beetje leverweefsel weggesneden. In het laboratorium is dit weefsel onderzocht. Er waren geen grote verschillen te zien voor en na de doorbloeding met de machine. Het leverweefsel bleek levensvatbaar en had geen schade opgelopen door de nieuwe techniek.

Conclusie
Met de nieuwe techniek hebben de onderzoekers donorlevers 6 uur lang buiten het lichaam 'in leven' gehouden. Deze nieuwe techniek is een belangrijke doorbraak in een tijd waarin er een tekort is aan donororganen. Hierdoor is de kans dat een donorlever wordt afgewezen een stuk kleiner.

In de toekomst moet worden uitgezocht hoe deze techniek op grote schaal kan worden toegepast bij donortransplantatie. Mogelijk kan deze techniek ook worden gebruikt om de kwaliteit van donororganen te verbeteren. Bijvoorbeeld door medicijnen toe te voegen aan het bloed dat door de organen wordt gepompt.

Schrijf u in voor de nieuwsbrief

Naar boven