Leven met slokdarmkanker

Leven met slokdarmkanker

Leven met kanker is niet makkelijk. Het is een angstige en onzekere periode en u kunt allerlei ongemakken ervaren, zoals misselijkheid, diarree of extreme vermoeidheid.

Heeft u slokdarmkanker dan kunnen zich aanvullend nog specifieke problemen voordoen, vooral als u een slokdarmoperatie heeft ondergaan. Deze problemen worden hieronder omschreven. Niet alle klachten zijn bij iedereen aanwezig en de mate waarin mensen er hinder van ervaren is ook heel verschillend.

Lees hier meer over ‘leven met kanker’.

Passageklachten

Een tumor in de slokdarm zorgt er vaak voor dat de slokdarm nauwer wordt. Dat kan leiden tot problemen met slikken en passageklachten. Passageklachten ontstaan als het eten niet goed meer kan zakken. Ook na een operatie waarbij de slokdarmtumor verwijderd is, kunt u last hebben van passageklachten.

Op de plaats waar de chirurg een nieuwe verbinding heeft gemaakt, kan littekenweefsel ontstaan. Dit heet naadstenose. Op die plekken is de doorgang voor voedsel nauwer.

Heel soms ontstaan passageklachten ook doordat een verwijderde tumor weer terug is gekomen. Bespreek uw klachten daarom altijd met uw arts.

Slokdarm oprekken
Het is mogelijk om littekenweefsel in de slokdarm op te rekken. Dit oprekken (dilatatie) gebeurt tijdens een endoscopie (kijkonderzoek). De arts brengt via uw mond een flexibele oprekstaaf of een ballonnetje in uw slokdarm en maakt zo de doorgang voor voedsel beter. Deze behandeling moet meestal een aantal keer herhaald worden.

Tips bij passageklachten

  • Zit rechtop tijdens en na het eten. 
    Door de zwaartekracht zakt het voedsel dan beter naar beneden dan wanneer u achterover zit of ligt.
  • Snij uw voedsel fijn.
  • Kauw goed en eet rustig.
  • Gebruik extra jus of saus. 
    Dit maakt uw voedsel smeuïg, waardoor het beter naar beneden zakt.
  • Wissel vaste en vloeibare maaltijden af. 
    Neem bijvoorbeeld een bord pap, vla, yoghurt of soep tussendoor. Dit maakt eten minder vermoeiend en het zorgt ervoor dat u voldoende voedingsstoffen binnenkrijgt. Na een buismaagoperatie heeft u minder maaginhoud, houd daar wel rekening mee!
  • Een diëtist kan helpen. 
    Valt u toch teveel af dan kunnen dieetpreparaten en drinkvoeding een oplossing zijn. Bij hele ernstige passageklachten kan het nodig zijn over te gaan op gepureerde voeding. Een diëtist kan u hierin begeleiden.

Toch leuk en lekker eten bij ernstige passageklachten

Eten is niet alleen iets dat moet. Het is ook een sociale bezigheid en kan bovendien erg lekker zijn. Als u problemen krijgt met eten, is dat ontzettend vervelend. Niet alleen omdat uw gezondheid erdoor achteruit gaat, maar ook omdat uw kwaliteit van leven minder wordt.

Deze tips kunnen u helpen om bij ernstige passageklachten eten wat leuker en lekkerder te maken:

  • Maal producten afzonderlijk fijn

Het is makkelijk om al uw eten tegelijk te pureren. Hierdoor is het eten echter niet meer herkenbaar en ziet het er onaantrekkelijk uit. Bovendien is de smaak dan anders en kunt u minder goed proeven wat u eet. Maal daarom de afzonderlijke producten fijn en leg ze los van elkaar op uw bord.

  • Gebruik verse kruiden

Kruiden als dille, bieslook en peterselie maken gemalen maaltijden aantrekkelijker en smaakvoller. Wees wel voorzichtig met scherpe specerijen.

  • Zorg voor afwisseling

Wissel koude en warme maaltijden en verschillende smaken af. Neem bijvoorbeeld een toetje (pudding, yoghurt of vla) na de warme maaltijd. Na een buismaagoperatie heeft u minder maaginhoud, houd daar wel rekening mee!

  • Creëer een gezellige sfeer

Probeer de maaltijden zoveel mogelijk hetzelfde te houden als voorheen en creëer bewust een gezellige sfeer. Eet bijvoorbeeld met uw gezinsleden aan tafel, zodat eten een sociale bezigheid blijft.

Slijmvorming

Slijmvorming
Bij slokdarmkanker kunt u last krijgen van hinderlijk taai slijm. Dit slijm kan moeilijk worden doorgeslikt of weggehoest. Dit probleem is niet eenvoudig op te lossen. Soms is de enige mogelijkheid het slijm met een tissue uit de mond te halen.

Veel mensen denken dat voeding verantwoordelijk is voor de slijmvorming. Het klopt dat na het drinken van bijvoorbeeld melk de mond plakkerig aanvoelt, maar voeding is bijna nooit de oorzaak van het hinderlijke taaie slijm.

Voedingsadviezen bij slijmvorming

  • Kauw goed
    Kauwen helpt om waterig speeksel aan te maken. Zo kan kauwgom kauwen zorgen voor meer speeksel. Ook friszure producten hebben dit effect. Pas wel op want bij gevoelige slijmvliezen kunnen deze producten te scherp zijn.
  • Probeer het slijm op te lossen

De mond spoelen met koolzuurhoudend water of een zoutwateroplossing kan helpen om het slijm wat op te lossen. Ook kan het slijm verdund worden door meerdere keren op een dag te drinken.  

  • Spoelen na drinken melk

Spoel uw mond met water, thee of koffie na het drinken van melk. Zure melkproducten zoals karnemelk en (drink-) yoghurt geven een minder plakkerig gevoel. Ook vla en pap geven vaak minder klachten. Soms bevalt sojadrink beter dan gewone melk.

Buismaag

Doordat een buismaag veel kleiner is dan een normale maag, kan er minder voedsel in opgeslagen worden. Hierdoor kunnen klachten ontstaan, vooral na het eten. Dit wordt ook wel het ‘syndroom van de kleine maag’ genoemd. Hoe vaak de klachten optreden en hoe erg ze zijn is per persoon verschillend. Klachten die kunnen ontstaan door een kleine maag zijn:

  • geen hongergevoel
  • een verminderde eetlust
  • een vol, opgeblazen gevoel na het eten
  • misselijkheid

Deze klachten kunnen al optreden na een kleine maaltijd. Veel mensen gaan daardoor minder eten. Dit is begrijpelijk, maar niet verstandig. Het is belangrijk dat uw gewicht zo stabiel mogelijk blijft en dat u niet afvalt.

Blijf energierijke maaltijden en tussendoortjes gebruiken, ook bij een kleine maag. Soms kan het nodig zijn om uw voeding aan te vullen met bijvoorbeeld dieetpreparaten en drinkvoeding. Een diëtist kan u hierover adviseren.

Bij een buismaagoperatie wordt de overgang van de slokdarm naar de maag, met het sluitspiertje, verwijderd. Door het ontbreken van dit sluitspiertje stroomt zure maaginhoud en gal makkelijker terug omhoog, vooral als u plat ligt of bij bukken. Met als gevaar dat maaginhoud in de luchtwegen terecht komt, wat kan leiden tot een longontsteking. Tijdens de operatie wordt bovendien een bepaalde zenuw, de nervus vagus, doorgesneden. Hierdoor komt eten en drinken sneller en in grotere hoeveelheden dan normaal in de dunne darm terecht. Dit kan leiden tot dumpingklachten.

Lees meer over leven met een buismaag in de brochure van Slokdarmkanker Nederland.

Vertraagde maagontlediging

Sommige mensen hebben na een slokdarmoperatie last van een vertraagde maagontlediging. Dat betekent dat het voedsel langer in de maag blijft dan nodig is.

Klachten die dan kunnen ontstaan zijn:

  • Misselijkheid
  • Overgeven na de maaltijd
  • Een drukkend gevoel ter hoogte van de borst
  • Een opgeblazen gevoel
  • Opboeren en oprispingen
  • Snel een vol gevoel hebben (snelle verzadiging)
  • Terugstromen van maaginhoud (reflux)

Tips om klachten van vertraagde maagontlediging te verminderen

Dumpingsyndroom - te snelle maagontlediging

Met het dumpingsyndroom worden klachten bedoeld die ontstaan na een te snelle maagontlediging. Het dumpingsyndroom is vrijwel altijd het gevolg van een operatie, waarbij (een deel van) de maag is verwijderd. Dumpingklachten kunnen meteen na de operatie ontstaan, maar ook pas na verloop van tijd. Lang niet iedereen krijgt te maken met deze klachten.

Er zijn twee ‘soorten’ dumpingklachten die op kunnen treden. Sommige mensen hebben last van beide, maar ze kunnen ook los van elkaar voorkomen.

Vroege dumpingklachten: dit zijn de klachten die vrij snel na de maaltijd optreden (ongeveer na een half uur).

Late dumpingklachten: deze klachten ontstaan zo’n anderhalf tot twee uur na de maaltijd.

Tips bij dumpingklachten

De volgende (voedings)adviezen kunnen dumpingklachten verminderen en zelfs voorkomen:

  • Eet rustig en kauw goed
  • Gebruik zes tot negen kleine maaltijden verdeeld over de dag
  • Verdeel vocht over de dag
    Verdeel het vocht dat u drinkt goed over de dag. Drink niet of weinig bij de maaltijden. Voedsel spoelt dan namelijk nog sneller naar de dunne darm.
  • Vermijd ‘snel opneembare suikers’
    Vermijd het gebruik van veel ‘snel opneembare’ suikers, zoals 'gewone' suiker en vruchtensuiker. Gewone suiker zit bijvoorbeeld in snoep, ijs, koeken en gebak. Deze suikers worden vooral in vloeibare vorm extra snel opgenomen. Gebruik daarom weinig of geen frisdrank, oploslimonade en vruchtensap.
  • Eet fruit maar niet teveel
    Vers fruit wordt meestal goed verdragen, maar eet niet teveel fruit. Per dag wordt aanbevolen 2 stuks fruit te eten voor de benodigde hoeveelheid vitamines en mineralen.
  • Rust na de maaltijd
    Ga bij ernstige klachten even liggen na de maaltijd.
  • Zoek op tijd hulp om op gewicht te blijven
    Als u veel last heeft van dumpingklachten, kan het moeilijk zijn om voldoende voedingsstoffen binnen te krijgen. Een diëtist kan u dan adviseren en helpen op gewicht te blijven.

Reflux: terugstromen van maaginhoud en gal

Bij een buismaagoperatie wordt de normale overgang van de slokdarm naar de maag verwijderd. Het sluitspiertje dat hier normaal gesproken zit, wordt dan ook weggehaald. Hierdoor kan maaginhoud makkelijk terugstromen (reflux). Veel mensen hebben na een slokdarmoperatie last van oprispingen en het omhoog komen van maagzuur en gal. Uw arts kan verschillende medicijnen voorschrijven die deze klachten verminderen.

Tips om klachten van terugstromende maaginhoud of gal te verminderen

  • Zorg dat u ‘s nachts niet helemaal plat ligt
    Gebruik enkele kussens of zet de hoofdsteun van uw bed iets omhoog (in een hoek van 30 graden) als u gaat slapen.
  • Draag geen knellende kleding of riemen ter hoogte van uw maag
  • Zak door uw knieën als u moet bukken. Buig niet voorover.
  • Zorg voor een gezond lichaamsgewicht.
    Overgewicht kan de druk op de buik vergroten waardoor de klachten verergeren.
  • Voorkom verstopping
    Zorg voor een goede stoelgang. Verstopping (obstipatie) kan de druk in de buik vergroten, waardoor de klachten verergeren. U kunt verstopping voorkomen door gezond en vezelrijk te eten, tenminste 1,5 tot 2 liter vocht te drinken en regelmatig te bewegen. Ook is het belangrijk dat u direct naar het toilet gaat als u aandrang heeft.
  • Eet niets meer twee tot drie uur voordat u gaat slapen
  • Voorkom overvulling van uw buismaag
    Eet liever niet drie grote maaltijden, maar verspreid uw maaltijden over de dag en eet in kleine porties zo’n zes tot negen keer per dag. Zo voorkomt u dat uw buismaag te vol wordt en maaginhoud terugstroomt.

Vitamine B12 tekort

Normaal gesproken zorgt ons lichaam voor een voorraad vitamine B12, die genoeg is voor enkele jaren. Maar na een buismaagoperatie, kan de opname van vitamine B12 verstoord zijn en wordt deze voorraad niet meer aangevuld. Ook het lang gebruiken van maagzuurremmers kan de opname van B12 verstoren. Bij ernstige klachten kunt u B12 injecties krijgen. Uw arts kan daarover meer vertellen.

Vitamine B12 tekort leidt onder andere tot bloedarmoede, stoornissen in de zenuwen van de benen en ontsteking van de slijmvliezen. Ook kan te weinig vitamine B12 leiden tot ernstige vermoeidheid, minder concentratie, depressie en uiteindelijk tot bloedarmoede.

Patiëntenvereniging

De Stichting voor Patiënten met Kanker aan het Spijsverteringskanaal (SPKS) is een patiëntenvereniging die zich richt op patiënten met kanker aan het spijsverteringskanaal. Binnen de SPKS zijn er patiëntgroepen voor darmkanker, slokdarmkanker, maagkanker en alvleesklierkanker.

De belangrijke activiteiten van de SPKS zijn:

  • Voorlichting
  • Lotgenotencontact
  • Belangenbehartiging van patiënten
  • De SPKS heeft hiervoor verschillende communicatiemiddelen, zoals de website en een verenigingsblad. Ook organiseren zij, of zijn betrokken bij verschillende bijeenkomsten.
SPKS levenmetkanker

Tevreden over onze informatie?

De Maag Lever Darm Stichting zet zich in om slokdarmkanker te voorkomen, te bestrijden en de gevolgen ervan voor patiënten te verminderen. We werken hierbij vanuit vier verschillende invalshoeken: preventie, vroege opsporing, bevorderen van kennis en wetenschappelijk onderzoek. Wij zijn daarvoor volledig afhankelijk van donaties. Helpt u mee?

Ontvang 1x per maand onze gratis e-mail nieuwsbrief

Naar boven