Zoeken in WO bij de MLDS
Meer informatie
De Maag Lever Darm Stichting wil maag-, darm- en leverziekten helpen voorkomen en bestrijden en de kwaliteit van leven van patiënten verbeteren. Om dit doel te bereiken kunnen Nederlandse onderzoekers subsidie aanvragen bij de Maag Lever Darm Stichting.
Hier kunt u meer lezen over de onderzoeksprojecten waaraan de afgelopen 5 jaar subsidie is verleend.
De oorzaak van de onverwachte uitkomst bij de studie met probiotica bij acute alvleesklierontsteking
Projectleider: Prof.dr. H.G. Gooszen - Universitair Medisch Centrum, Utrecht
Start: 1 april 2009, afgerond in april 2011
Oorspronkelijke titel: Small bowel ischemia in acute pancreatitis patients treated with probiotics and enteral feeding
Samenvatting
De alvleesklier maakt spijsverteringsenzymen, die helpen het voedsel te verteren in de darmen. Bij een acute alvleesklierontsteking gaan de enzymen al in de alvleesklier zelf aan het werk. Het weefsel van de alvleesklier wordt zo door zijn eigen enzymen verteerd. Het beschadigde weefsel raakt dan ontstoken. Soms gaat de ontsteking gepaard met afsterven van alvleesklierweefsel.
Bacteriën afkomstig uit de darm van de patiënt zelf kunnen het afgestorven weefsel infecteren. De onderzoekers van deze groep veronderstelden dat probiotica (levende nuttige bacteriën) die infectie konden voorkomen. Dit leverde in twee kleine patiëntenstudies en proefdieronderzoek veelbelovend resultaat op.
Het vervolgonderzoek had helaas een schokkend resultaat. Eén groep patiënten met acute alvleesklierontsteking kreeg een mix van zes verschillende probiotica direct in de darm toegediend. De andere groep kreeg een nepmiddel. In de eerste groep overleed 16%, tegen 6% in de groep die het nepmiddel kreeg. Dit was geheel tegen de verwachting in.
De onderzoekers willen uitzoeken wat de precieze oorzaak van de sterfte was. Dit zal bijdragen aan de noodzakelijke ontwikkeling van veiligheidscriteria voor het gebruik van nieuwe probiotica bij patiënten met ernstige ziekten.
Resultaten
In een model van de menselijke darm (van glas) werden probiotica samen met sondevoeding, galzouten en pancreasenzymen gekweekt en werd onderzocht welke fermentatieproducten werden gevormd. Zoals verwacht was melkzuur het meest gevormde fermentatieproduct van de probiotica. Echter, ook vaso-actieve amines werden in verschillende hoeveelheden aangetroffen onder bepaalde omstandigheden. De grootste hoeveelheden werden pas na 6 uur kweken gevormd en altijd waren daar ook galzouten en pancreas-enzymen voor nodig. Alhoewel de gevonden hoeveelheden van de verschillende producten relatief hoog zijn, kan er nog niets gezegd worden of ze direct schadelijk zijn voor een “echte” darm. Dat dient met een celkweek onderzocht te worden.
Met het dierenmodel werd acute pancreatitis geïnduceerd bij ratten, waarna vervolgens probiotica en sondevoeding al dan niet werden toegediend. De overleving van de ratten in alle 4 de onderzoeksgroepen was niet significant verschillend. Op het moment van schrijven worden de laatste analyses uitgevoerd (ter beoordeling van de schade aan de darmwand en de doorlaatbaarheid voor bacteriën).
De retrospectieve cohortstudie van patiënten met acute pancreatitis, enterale voeding en probiotica in Praag leverde interessante gegevens op. De mortaliteit lijkt lager in een vrijwel vergelijkbaar cohort. Er werd ook darmischemie gezien, echter in een veel lager percentage dan de patiënten in de PROPATRIA studie. Oorzaken voor de verschillen tussen beide studies kunnen o.a. zijn: verschillende probioticastammen in het studieproduct, andere samenstelling van de sondevoeding, niet volledig identieke studiegroepen en het retrospectief karakter van de Praag-studie.










