Levertransplantatie

Wat is het?
De lever is een belangrijk orgaan met veel verschillende functies. Behalve de aanmaak van galvloeistof vindt ook opslag van vitaminen en mineralen in de lever plaats. In de lever worden veel essentiële stoffen geproduceerd zoals eiwitten en vetten. Daarnaast maakt de lever giftige stoffen en medicijnen onschadelijk en speelt hij een belangrijke rol bij de energiehuishouding. De lever is een bijzonder orgaan met een grote reservecapaciteit en een groot herstelvermogen. De lever ligt rechtsboven in de buikholte, vlak achter de ribben. Bij volwassen mensen weegt de lever ongeveer anderhalve kilo en is bijna zo groot als een voetbal. Wanneer een deel van de lever verwijderd wordt, groeit het resterende deel weer aan. Een voorwaarde hiervoor is dat het achtergebleven deel van de lever gezond en groot genoeg is.
Een levertransplantatie wil zeggen dat door middel van een operatie een zieke lever wordt vervangen door een gezonde lever van een orgaandonor. Jaarlijks worden in Nederland, afhankelijk van het aanbod, tussen de 110 en 140 levertransplantaties uitgevoerd. De vraag is echter groter dan het aanbod en daarom is er een lange wachtlijst. In Nederland worden levertransplantaties uitgevoerd in gespecialiseerde levercentra. Deze levercentra zitten in de academische ziekenhuizen in Groningen, Rotterdam en Leiden. Levertransplantaties bij kinderen worden alleen in Groningen uitgevoerd.
Patiënten met onder andere de volgende leverziektes kunnen in aanmerking komen voor een levertransplantatie:
• Levercirrose als gevolg van hepatitis B of C;
• Acuut leverfalen als gevolg van bijvoorbeeld vergiftiging of medicijngebruik;
• Primaire biliaire cirrose (een chronische ontsteking van de galkanaaltjes in de lever);
• Primaire scleroserende cholangitis (een chronische ontsteking van de galwegen binnen en buiten de lever);
• Levercirrose als gevolg van auto-immuun hepatitis;
• Kanker in de lever, waarbij de kanker is ontstaan in de lever en er geen uitzaaiingen elders in het lichaam zijn;
• Ziekte van Wilson (koperstapelingsziekte);
• Galgangatresie (een aangeboren afwijking aan de galwegen);
• Levercirrose als gevolg van overmatig alcoholgebruik;
Er zijn verschillende vormen van levertransplantatie.
Orthotope (of gewone) levertransplantatie (OLT)
De zieke lever wordt in zijn geheel verwijderd en vervangen door een donorlever. Deze methode wordt het meest toegepast.
Split-levertransplantatie
Hierbij wordt de donorlever gesplitst, waardoor twee patiënten getransplanteerd kunnen worden. De kleine linkerkwab van de donorlever kan aan een kind worden gegeven. De grotere rechterkwab kan bij een volwassene getransplanteerd worden. Ook hierbij wordt de eigen lever verwijderd.
Auxilaire transplantatie
De donorlever wordt naast de eigen lever van de patiënt geplaatst. Hierbij wordt de eigen (zieke) lever van de patiënt dus niet verwijderd. Deze operatie wordt in zeldzame gevallen uitgevoerd, en alleen bij patiënten met acuut leverfalen, waarbij op zeer korte termijn getransplanteerd moet worden. In de acute fase neemt de donorlever de functie over van de zieke lever. Na verloop van tijd kan de eigen lever herstellen. De donorlever verschrompeld en wordt eventueel met een operatie verwijderd.
Levende donor levertransplantatie
Bij deze operatie wordt een deel van de lever van een gezonde volwassene verwijderd. Dit deel van de levende donor, wordt getransplanteerd bij de patiënt. Sinds 2004 worden levende donor levertransplantaties in Nederland uitgevoerd, vanwege het tekort aan orgaandonoren. De meeste donoren zijn familie van de ontvanger of hebben een emotionele band met de ontvanger. Het deel van de lever dat bij de donor achterblijft, groeit aan tot normaal formaat. Het getransplanteerde deel van de lever groeit met de ontvanger mee. Het risico op overlijden van de donor aan de gevolgen van de operatie is tussen de 0.5 en 1%.
Dominotransplantatie
Bij deze vorm van levertransplantatie komt de donorlever van een patiënt met een erfelijke stofwisselingsziekte. Door deze ziekte maakt de lever een afwijkend eiwit aan. Verder is de lever gezond. Deze aandoening begint meestal rond het dertigste levensjaar en kan op den duur levensbedreigend worden. De enige manier om dit te voorkomen is door transplantatie van een gezonde donorlever. De verwijderde 'zieke' lever is nog wel bruikbaar bij andere patiënten die dringend een donorlever nodig hebben. Het duurt namelijk vele jaren voordat de ontvanger van de lever last krijgt van de stofwisselingsziekte.
Vragen?










